DE SLAG OM DE COTENTIN EN DE VEROVERING VAN CHERBOURG

Cherbourg is voor de geallieerden een strategisch doelwit van groot belang voor het slagen van de operatie Overlord. De haven moet schepen ontvangen die rechtstreeks uit de Verenigde Staten komen en manschappen en wapens aanvoeren voor de herovering van Europa.

Het eerste offensief vanaf Utah Beach, langs de N13, wordt geblokkeerd door een hardnekkige Duitse verdediging in Montebourg. Meteen wordt een andere aanval gelanceerd, daar waar de vijand het niet verwacht: meer in de richting van de westkust van de Cotentin. Op 18 juni bereiken de Amerikanen de zee bij Barneville. Het schiereiland is afgesneden. De zaak is vlot afgehandeld. 40.000 Duitsers zitten in de val op het schiereiland. Hun vrijheid hangt aan een zijden draad.

Generaal Collins zwenkt zijn VIIe corps in noordelijke richting en rukt weer op. Ze boeken snel vooruitgang en bevrijden met een front van drie divisies Bricquebec en vervolgens Valognes. Deze laatste plaats is niets meer dan een doodse, treurige puinhoop vanwege de luchtbombardementen. In hun opmars ontdekken de Amerikanen bij Brix een zeer groot aantal lanceerbasissen voor V1- en V2-raketten.

Op 21 juni bereiken de Amerikanen de eerste verdedigingslinies rond Cherbourg. Generaal von Schlieben, commandant van de stelling, wordt gelast zich over te geven. Hij weigert en geeft het bevel de haven en de haveninstallaties compleet te verwoesten.

Op 23 juni is het eerste verdedigingsgordijn doorbroken. Twee dagen later infiltreren de mannen van Collins alle straten van de stad, terwijl pantserschepen en kruisers een titanengevecht aangaan met de zware Duitse batterijen. Fort du Roule valt op 26 juni. Generaal von Schlieben en admiraal Hennecke komen tevoorschijn uit hun onderaardse commandopost en geven zich over. De laatste in het arsenaal verschanste Duitsers houden het nog enkele uren vol, maar voegen zich uiteindelijk bij hun duizenden krijgsgevangen kameraden. Cherbourg is in handen van de Amerikanen. Dit nieuws maakt Hitler razend.

Alle kerkklokken van de stad galmen erop los. De inwoners van Cherbourg onthalen hun bevrijders met groot enthousiasme, de stad zelf heeft weinig geleden onder de gevechten. Tot op dat moment hadden de GI’s slechts dorpen doorkruist die in puin lagen en vrijwel geheel verlaten waren. Hier is de sfeer heel anders en de verbroedering gaat razendsnel in gezelschap van een kloek glas. Op 27 juni juichen duizenden inwoners van Cherbourg de zegevierende generaals toe, verenigd op het bordes van het stadhuis.

Het enige knelpunt: de haven is in beroerde staat. De havenbekkens zijn gevuld met mijnen en wrakken van tot zinken gebrachte vaartuigen, de rails zijn losgerukt, de kranen omvergegooid, de kades vol obstakels, de draaibrug gesaboteerd. Het havenstation is één grote ruïne. Gespecialiseerde teams wijden zich onverdroten aan de taak. Ook al duurt het enkele maanden voordat de haven van Cherbourg volledig gebruiksklaar is, vanaf eind juli meren de eerste Libertyships uit de Verenigde Staten aan. Enkele dagen later is PLUTO klaar voor gebruik: deze onderzeese brandstofleiding vanaf het eiland Wight begint de olieterminal van Querqueville te vullen met brandstof.